» 
Arabic Bulgarian Chinese Croatian Czech Danish Dutch English Estonian Finnish French German Greek Hebrew Hindi Hungarian Icelandic Indonesian Italian Japanese Korean Latvian Lithuanian Malagasy Norwegian Persian Polish Portuguese Romanian Russian Serbian Slovak Slovenian Spanish Swedish Thai Turkish Vietnamese
Arabic Bulgarian Chinese Croatian Czech Danish Dutch English Estonian Finnish French German Greek Hebrew Hindi Hungarian Icelandic Indonesian Italian Japanese Korean Latvian Lithuanian Malagasy Norwegian Persian Polish Portuguese Romanian Russian Serbian Slovak Slovenian Spanish Swedish Thai Turkish Vietnamese

definition - Allochtoon_(persoon)

definition of Wikipedia

   Advertizing ▼

Wikipedia

Allochtoon (persoon)

                   

Het woord allochtoon betekent letterlijk "van een andere aarde/gebied" (Oudgrieks: ἀλλος=ander, vreemd; en χθων=aarde,). Tegenover het begrip allochtoon staat de term autochtoon, dat letterlijk "uit hetzelfde gebied/grond" betekent. Met betrekking tot het woord allochtoon zijn er, wanneer het om bevolkingsgroepen gaat, verschillende definities in omloop.

Het begrip werd in 1971 geïntroduceerd door de sociologe Hilda Verwey-Jonker in een rapport voor het Nederlandse ministerie van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk (CRM), ter vervanging van het tot dan toe gangbare woord immigrant. Feitelijk was het bedoeld als eufemisme. De termen 'allochtoon' en 'autochtoon' bestaan overigens al veel langer in het Nederlands, voor 1954 werden ze gespeld als 'allochthoon' en 'autochthoon'. Ook in de biologie en geologie worden ze gebruikt om in- of uitheemse planten, dieren of verschijnselen mee te duiden. Nog in de jaren zeventig kon bijvoorbeeld een persoon uit 's-Hertogenbosch die enkele kilometers verderop naar Sint-Michielsgestel verhuisde daar als allochtoon gezien worden.

Inmiddels heeft het woord 'allochtoon' ook een pejoratieve lading. In 2006 werd er een voorstel gedaan door de fractie van de PvdA in de Amsterdamse gemeenteraad, om het gebruik van de term 'allochtoon' in officiële stukken te vermijden. Bij gebrek aan een alternatief bleek dit niet haalbaar. Dit woord is dus een voorbeeld van een eufemismetredmolen. In februari 2008 suggereerde minister van justitie Ernst Hirsch Ballin opnieuw dat de term allochtoon afgeschaft zou moeten worden, maar ook dit voorstel werd niet overgenomen.

In het Vlaams Decreet Etnisch-culturele minderheden van 1998 staan de allochtonen vermeld als een van de doelgroepen, naast de vluchtelingen en de nieuwkomers. In dat decreet staan de allochtonen tegenover de nieuwkomers: ze verblijven reeds langere tijd (op een legale wijze) in Vlaanderen.

In Vlaanderen wordt sinds ongeveer 2000 ook de term nieuwe Vlaming gebruikt, mede op vraag van de organisaties van nieuwe Vlamingen die de termen 'allochtoon' en '(im)migrant' nodeloos onderscheidend vinden voor algemeen taalgebruik.

Inhoud

  Definities en invalshoeken van het begrip 'allochtoon'

  Algemene definities

  Van Dale-definitie

Volgens het Van Dale Groot Woordenboek van de Nederlandse Taal 2005 heeft het woord "allochtoon" twee betekenissen:

  1. Van elders aangevoerd of afkomstig, niet-inheems, vreemd
  2. Niet-oorspronkelijke bewoner (m.n. gebruikt als aanduiding voor personen met een niet-blanke huidskleur, die zelf - of van wie de ouders - in het buitenland geboren zijn, bv. buitenlandse werknemers)

Deze definitie is dus anders dan die van het CBS, omdat volgens Van Dale de kinderen van één ouder die in het land zelf geboren is en één ouder die in het buitenland geboren is geen allochtoon zijn.

  Dagelijks spraakgebruik

Over het algemeen wordt in het dagelijks spraakgebruik in Nederland en Vlaanderen meestal een van de volgende eigenschappen onder allochtoon verstaan[bron?]:

  1. Een persoon die in een aparte culturele groep gesegregeerd is (de voornaamste definitie)
  2. Een persoon die het Nederlands niet goed machtig is
  3. Een persoon die naar het land toe kwam als gastarbeider (of een nakomeling van een gastarbeider)
  4. Iemand met een niet-blanke huidskleur
  5. Iemand zonder de Nederlandse etniciteit.

  Definities en invalshoeken in Nederland

  CBS-definitie

Het CBS hanteert als definitie van allochtoon (in Nederland):

Persoon die in Nederland woonachtig is en van wie ten minste één ouder in het buitenland is geboren. Wie zelf in het buitenland is geboren, hoort tot de eerste generatie, wie in Nederland is geboren, hoort tot de tweede generatie. [1]

Deze definitie kan verwarring en onduidelijkheid geven. Zo is een groot deel van het Koninklijk Huis allochtoon. Ook mensen met een ouder die in Nederlands-Indië of in Vlaanderen geboren is, zijn volgens de CBS-definitie allochtoon. De grootste groep allochtonen in Nederland is van Indonesische afkomst, met 15% en de Duitse allochtonen komen op plaats twee met 14%. Dit wijkt af van wat men doorgaans lijkt te willen zeggen als men het woord allochtoon gebruikt. In de volksmond worden met "allochtonen" de gastarbeiders en/of asielzoekers en hun kinderen of kleinkinderen bedoeld, die zich in uiterlijk of gedrag duidelijk van de modale Nederlander onderscheiden. Generaliserend wordt dan gesproken over "de buitenlanders", hoewel ook dat woord weer verwarrend is omdat daar ook mensen met een niet-Nederlands paspoort onder vallen, inclusief niet-residenten, zoals toeristen.

Het CBS heeft daarom een onderscheid gemaakt tussen westerse en niet-westerse allochtonen. Bij het vaststellen of iemand een niet westers allochtoon is, wordt allereerst naar het geboorteland van de moeder gekeken. Als de moeder geboren is in Afrika, Latijns-Amerika of Azië (incl. Turkije), met uitzondering van voormalig Nederlands-Indië / Indonesië en Japan wordt iemand gerekend tot de niet-westers allochtonen. Indien de moeder in Nederland is geboren, geldt het geboorteland van de vader. Onder de genoemde gebieden vallen ook de voormalige Nederlandse Antillen, ongeacht de status in het Koninkrijk der Nederlanden en Suriname, ondanks dat dit land tot 1975 zelfs nog een overzees rijksdeel was en dat het Nederlands daar nu nog steeds de officiële taal is.

Een verder onderscheid wordt gemaakt tussen eerste- en tweedegeneratieallochtonen. Een eerstegeneratieallochtoon is zelf in het buitenland geboren, een tweedegeneratieallochtoon is in Nederland geboren en heeft ten minste één in het buitenland geboren ouder. Iemand die zelf in het buitenland is geboren, maar twee in Nederland geboren ouders heeft, wordt tot de autochtonen gerekend. Het 'land van herkomst' wordt voor de eerste generatie bepaald aan de hand van het eigen geboorteland, voor de tweede generatie aan de hand van het geboorteland van de moeder (en indien dit Nederland is, het geboorteland van de vader).

Maar de CBS-definities van het begrip "westerse" en "niet-westerse" allochtoon wijken weer af van de gangbare definities van de begrippen westerse wereld en westerse cultuur. Zo zijn er na de Tweede Wereldoorlog nogal wat (blanke, in Nederland geboren) Nederlanders tijdelijk naar de Nederlandse Antillen verhuisd en later weer teruggekomen. Als zij daar kinderen hebben gekregen zijn dit autochtonen. Maar als díe weer kinderen krijgen, dan zijn dat 'niet westers allochtonen', meestal zonder dat ze dat zelf beseffen.

  Onduidelijkheid

De onduidelijkheid over het begrip allochtoon leidt tot misverstanden en irritaties.[bron?] Hiermee samenhangend zijn er mensen die vinden dat een aanduiding als allochtoon stigmatiserend werkt.[bron?] Enerzijds vinden bepaalde groepen dat zij telkens slecht in het nieuws komen.[bron?] Anderzijds vinden andere groepen allochtonen (voornamelijk van niet-islamitische komaf) dat allochtonen slecht in het nieuws komen door enkele groepen waar de media negatief over berichten.[bron?] Afhankelijk van de ingenomen standpunten wordt er naar andere oplossingen gezocht. De gemeente Den Haag spreekt niet meer over allochtonen maar over "Hagenaren" (zowel voor autochtonen als allochtonen),[bron?] weer anderen gebruiken – zelfs voor de derde generatie – benamingen voor het land van herkomst (bijvoorbeeld "Marokkaanse jongeren").[bron?]

  Definities en invalshoeken in Vlaanderen

In Vlaanderen worden meerdere definities gebruikt[bron?]:

  • Voor werkgelegenheidsbeleid zijn er voorstellen om een allochtoon te definiëren als een persoon die in Vlaanderen woont of deel uitmaakt van de Vlaamse Gemeenschap (dus woonachtig in het Vlaams of Brussels gewest), en van wie ten minste één grootouder buiten de Europese Unie is geboren en met uitsluiting van de andere West- en Noord-Europese staten, de VS en Canada. Deze definitie beoogt een betere afstemming van het beleid op die maatschappelijke groepen die met zekere achterstanden kampen.
  • In onderwijscontext spreekt men van allochtoon als de leerling of (minstens) één van beide ouders niet in Vlaanderen geboren is.
  • Een variante hierop is de leerling waarvan géén van beide ouders Nederlands als moedertaal heeft.
  • Een veel gebruikte indeling is ook:
    • allochtonen van de eerste generatie: zijn niet in Vlaanderen geboren, maar kunnen onder bepaalde voorwaarden de Belgische nationaliteit verwerven.
    • allochtonen van de tweede generatie: zijn in Vlaanderen geboren, maar hun ouders niet, en hebben de Belgische nationaliteit door geboorte, maar kunnen ook de nationaliteit van de ouders aannemen.
    • allochtonen van de derde generatie: hun grootouder(s) zijn niet in Vlaanderen geboren maar wel (minstens één van) hun ouders.

Recent wordt in Vlaanderen de term 'Nieuwe Vlamingen' gebruikt als alternatief voor 'allochtone Vlamingen'. Op deze laatste term komt namelijk dikwijls de kritiek dat het dikwijls een onnodig polariserende bijklank heeft, 'allochtonen versus autochtonen'. Deze nieuwe term wordt om deze redenen gebruikt door onder meer organisaties van de nieuwe Vlamingen zelf.

  Het begrip allochtoon in de Europese Unie

Administratief-rechterlijk bestaan er in de Europese Unie nauwelijks definities van allochtoon, met uitzondering van het Verenigd Koninkrijk, waar een wettelijke registratie van de etnische achtergrond van alle aangeworven werknemers zelfs verplicht is.

  Overheidsbeleid t.a.v. allochtonen

Warning icon.svg De neutraliteit van dit gedeelte wordt betwist.
Zie de bijbehorende overlegpagina voor meer informatie.

In bijna alle EU-lidstaten vraagt men zich af welk beleid ten aanzien van immigranten en hun nazaten moet worden gevoerd. Men stelt immers vrijwel overal vast dat er een zekere mate van (wederzijdse) vooroordelen en discriminatie tussen allochtonen en autochtonen bestaat, dat mensen met bepaalde culturele achtergronden vaak aanmerkelijk meer problemen op de arbeidsmarkt hebben – zelfs bij gelijke opleiding – en dat het opleidingsniveau bij sommige groepen allochtonen veel lager is. Ook inzake criminaliteit kennen bepaalde groepen allochtonen grote verschillen met de autotone bevolking, waarbij verschillende overheden verschillend reageren.

Beleidsalternatieven die vaak geopperd worden inzake het beleid met betrekking tot allochtonen zijn het streven naar integratie, assimilatie, inburgering of vooral de nadruk leggen op arbeidsparticipatie.

Belangrijke vragen hierbij betreffen de mate waarin en de wijze waarop men politieke rechten aan de allochtonen toekent (gelijke rechten samen met gelijke plichten, bijvoorbeeld na naturalisatie, of gelijke rechten zonder gelijke plichten), de voorwaarden voor toegang voor asielzoekers en familieherenigingen (of 'familievormingen'), de wijze waarop discriminatie wordt aangepakt, en de voorwaarden voor het verwerven van staatsburgerschap. Andere vragen betreffen de aanpak van scholingsachterstanden en het bestrijden van uitsluiting op de arbeidsmarkt.

  Allochtonen in Nederland

In 2007 was (volgens de CBS-definitie, niet volgens de Van Dale-definitie) 20% van de Nederlandse bevolking van allochtone afkomst: 9% Westers en 11% niet-Westers. Van die 11% niet-Westerse allochtonen is de meerderheid Turks (21%), gevolgd door Marokkanen en Surinamers (beide 19%), daarna volgen de Antillianen (7%). De overige 34% bestaat uit Irakezen, Somaliërs, Iraniërs, Chinezen, Afrikanen etc.[2] Turken en Marokkanen zijn vaak gastarbeiders en hun nakomelingen die in de jaren zestig en '70 van de 20ste eeuw naar Nederland kwamen, in de loop der tijd hebben ze hier gezinnen gesticht en gezinsleden laten overkomen. De meeste Surinamers zijn in de jaren zeventig naar Nederland gekomen, rond de onafhankelijkheid van Suriname. De Nederlandse Antillen maken deel uit van Het Koninkrijk Nederland net als Nederland zelf.

  Ontwikkeling van de benamingen

Gedurende de geschiedenis zijn er verschillende begrippen voor niet oorspronkelijke Nederlanders gehanteerd, welke in betekenis en gebruik niet altijd volledig overeenkomen met het huidige woord allochtoon. Toen de migratie naar Nederland na de Tweede Wereldoorlog structurele vormen begon aan te nemen, werd voornamelijk over gastarbeiders gesproken. Toen duidelijk werd dat deze arbeiders niet meer als (tijdelijke) gast gezien konden worden, maar voornemens waren zich permanent in Nederland te vestigen, veranderde de aanduiding naar immigrant. Naar aanleiding van de negatieve beeldvorming omtrent het begrip immigrant ontstond een behoefte aan een minder beladen term, waarin het begrip allochtoon rond 1971 voorzag. Een ander eufemisme dat in dezelfde tijd in Nederland gehanteerd werd is de term medelander, een neologisme en samentrekking van mede-Nederlander. Andere termen die tegenwoordig gehanteerd worden zijn Nieuwe Nederlanders / Nieuwe Vlamingen, migranten (vgl. de Nederlandse Migranten Omroep) en asielzoekers. De laatste benaming verwijst naar een duidelijke subcategorie die slechts betrekking heeft op een deel van de allochtonen. Aan het begin van de 21ste eeuw werd in toenemende mate duidelijk dat ook het begrip allochtoon opnieuw een pejoratieve betekenis had gekregen. En opnieuw klonk de roep om het gepercipieerde probleem aan te pakken door een nieuwe term te bedenken. In 2010 opperde de ChristenUnie bijvoorbeeld de term bicultureel.[3]

  Trivia

Vóór 1970 werd het woord allochtonen met name in Noord-Brabant gebruikt voor Nederlanders die uit andere provincies kwamen, bijvoorbeeld in het boekje De allochtonen in Brabant : initiaal-onderzoek naar omvang en situatie uit 1960. In die betekenis behoorde Hilda Verwey-Jonker zelf tot de allochtonen in Eindhoven. Het woord import heeft deze oorspronkelijke betekenis vervangen.

  Zie ook

  Externe link

Bronnen, noten en/of referenties
  1. [1]
  2. Factbook Islam 2008, Instituut Forum, pagina 7
  3. Allochtoon is biculturele burger, NU.nl, 8 mei 2010
   
               

 

All translations of Allochtoon_(persoon)


sensagent's content

  • definitions
  • synonyms
  • antonyms
  • encyclopedia

  • begripsbepaling
  • synoniem

Dictionary and translator for handheld

⇨ New : sensagent is now available on your handheld

   Advertising ▼

sensagent's office

Shortkey or widget. Free.

Windows Shortkey: sensagent. Free.

Vista Widget : sensagent. Free.

Webmaster Solution

Alexandria

A windows (pop-into) of information (full-content of Sensagent) triggered by double-clicking any word on your webpage. Give contextual explanation and translation from your sites !

Try here  or   get the code

SensagentBox

With a SensagentBox, visitors to your site can access reliable information on over 5 million pages provided by Sensagent.com. Choose the design that fits your site.

Business solution

Improve your site content

Add new content to your site from Sensagent by XML.

Crawl products or adds

Get XML access to reach the best products.

Index images and define metadata

Get XML access to fix the meaning of your metadata.


Please, email us to describe your idea.

WordGame

The English word games are:
○   Anagrams
○   Wildcard, crossword
○   Lettris
○   Boggle.

Lettris

Lettris is a curious tetris-clone game where all the bricks have the same square shape but different content. Each square carries a letter. To make squares disappear and save space for other squares you have to assemble English words (left, right, up, down) from the falling squares.

boggle

Boggle gives you 3 minutes to find as many words (3 letters or more) as you can in a grid of 16 letters. You can also try the grid of 16 letters. Letters must be adjacent and longer words score better. See if you can get into the grid Hall of Fame !

English dictionary
Main references

Most English definitions are provided by WordNet .
English thesaurus is mainly derived from The Integral Dictionary (TID).
English Encyclopedia is licensed by Wikipedia (GNU).

Copyrights

The wordgames anagrams, crossword, Lettris and Boggle are provided by Memodata.
The web service Alexandria is granted from Memodata for the Ebay search.
The SensagentBox are offered by sensAgent.

Translation

Change the target language to find translations.
Tips: browse the semantic fields (see From ideas to words) in two languages to learn more.

last searches on the dictionary :

4259 online visitors

computed in 0.249s

   Advertising ▼

I would like to report:
section :
a spelling or a grammatical mistake
an offensive content(racist, pornographic, injurious, etc.)
a copyright violation
an error
a missing statement
other
please precise:

Advertize

Partnership

Company informations

My account

login

registration

   Advertising ▼